cao_pensioen_vedias.jpg
Tijdens de Gezelschapsdierendag 20 maart 2010 zijn er tijdens de CAO uitleg vragen onbeantwoord gebleven. Voor de vragen en antwoorden verwijzen we je naar de volgende pagina.

Wie zijn de partners bij het CAO-overleg?


  1. Aan werkgeverskant: BPW - de Belangenvereniging Practici Werkgevers met een adviseur van de vakbond MKB Nederland
  2. Aan werknemerskant (dierenartsen): BPL - Belangenvereniging Practici dierenartsen in Loondienst met een adviseur van de vakbond de Unie
  3. Aan werknemerskant (dierenartsassistenten): de vakbonden CNV Publieke Zaak en Abvakabo FNV met als adviseur de CAO werkgroep van Vedias

Hoe is de CAO opgebouwd?
De CAO kent een A, B en C-deel, een zogenaamde ABC-CAO dus. Het A-deel is het algemene deel waarin alle dingen zijn opgenomen, die zowel voor dierenartsen als -assistenten hetzelfde zijn geregeld. In het B-deel staan de afspraken voor de dierenartsen, in het C-deel de afspraken voor de dierenartsassistenten.

Voor wie is de CAO?
In eerste instantie is de CAO alleen (verplicht) van toepassing voor die werknemers, die werkzaam zijn in één van de (op dit moment) ongeveer 160 dierenartspraktijken / maatschappen, die lid zijn geworden van de BPW.

Op de downloadpagina kan je de CAO terug vinden.

De vakbonden

Vedias wordt al sinds vele jaren trouw terzijde gestaan door in het begin de vakbond Abvakabo FNV, maar sinds enkele jaren ook door CNV Publieke Zaak. Zonder de hulp en inzet van de vakbonden was de Rechtspositieregeling nooit tot stand gekomen en al helemaal geen dierenartsassistenten-deel in de nieuwe CAO.

Meer informatie over de vakbonden en wat ze voor jou kunnen betekenen vindt je op hun website:

abvacabo.jpgAls grootste vakbond voor zorg, welzijn en de publieke sector, maken we afspraken met werkgevers over uw arbeidsvoorwaarden. ABVAKABO FNV werkt met u mee!

De vak
bond CNV Publieke Zaak behartigt de individuele en collectieve belangen van de werknemers bij de overheid, in de sector zorg & welzijn en bij verzelfstandigde overheidsinstellingen. Met circa 82.000 leden is CNV Publieke Zaak één van de grootste CNV-organisaties.

Wij zetten ons in voor uw collectief belang bij onderhandelingen over, bijvoorbeeld, uw CAO, rechtspostitie en sociale plannen. In ondernemingsraden en andere medezeggenschapsorganen. Bij reorganisaties en fusies. Uw pensioen- en verlofregelingen en trajecten voor scholing en studie.
cnv.gif

Wat het pensioen betreft zijn er vier situaties te onderscheiden.


  1. Als de werkgever lid is van de BPW dan heeft hij als het goed is de werknemers aangemeld bij het pensioenfonds Zorg en Welzijn. Voor de BPW leden is dat verplicht. Ook de werknemers bij die BPW werkgever gaan dan verplicht deelnemen aan de pensioenregeling. De werkgever is geen lid van de BPW maar wil wel gebruik maken van de mogelijkheid om een pensioen te regelen voor de werknemers. Dan kan dat ook bij het pensioenfonds Zorg en Welzijn.

  2. Elke werkgever, dierenartspraktijk, kan al vanaf 1 januari 2008 gebruik maken van deze mogelijkheid. Ook in deze situatie geldt dat de werkgever dan al zijn werknemers moet aanmelden. Het kan dus niet zo zijn dat de ene werknemer wel wordt aangemeld en de andere niet. De werkgever is lid van de BPW maar heeft ook al bij een verzekeraar bijv. Avero-Achmea een pensioen verzekering afgesloten. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat een werkgever twee pensioenregelingen moet gaan uitvoeren. In het CAO 2008-2009 akkoord is vastgelegd dat dan bezien moet worden of de regeling van de verzekeraar gelijkwaardig aan die van het pensioenfonds Zorg en Welzijn. De hele CAO en dus ook de gemaakte afspraken kun je nalezen op de websites van Abvakabo FNV en CNV Publieke Zaak: ga naar CAO overzicht, sector openbare markt, klik op Dierenartspraktijken, of klik op mijn werk of mijn CAO en klik op Dierenartsassistenten. In december heeft overleg plaatsgevonden tussen de BPW, vakbonden, het pensioenfonds Zorg en Welzijn en Avero - Achmea. Tijdens dat overleg zijn afspraken gemaakt hoe bezien gaat worden of de pensioenregelingen gelijkwaardig zijn. Basis daarvoor is een aantal bepalingen in de Pensioenwet. Afgesproken is dat die vergelijking, die vooral technisch is, in maart 2009 gereed is en dan is er wat dat betreft duidelijkheid.

  3. De werkgever is geen lid van de BPW en wil ook geen pensioenregeling treffen. De eerste constatering is dan ook; dat is geen goede werkgever. Wij raden de werknemers die daar werkzaam dan ook aan eens een pittig woordje te spreken met die werkgever. Want het is toch op zijn zachts gezegd raar dat de dierenarts – werkgever voor zich zelf wel een pensioen heeft geregeld en dat voor de assistenten dat niet wil doen. Dat is dan des te meer vreemd omdat er nu een goede en relatief gezien goedkope mogelijkheid is om het pensioen te regelen en wel door aansluiting te zoeken het Pensioenfonds Zorg en Welzijn. Ook de KNMvD is van oordeel dat het hoog tijd wordt dat er een pensioenvoorziening komt voor de assistenten. Die is er nu met ingang van 1 januari 2009 en vandaar dat die regeling van harte wordt gepropageerd.

  4. In de CAO 2008-2009 is rekening gehouden met de kosten. De werknemers brengen daarvoor in 2008 en 2009 een loonoffer en in ruil daarvoor krijgen zij met ingang van 1 januari 2009 een pensioenvoorziening. De werkgever die geen pensioenvoorziening regelt bespaart veel op de (loon) kosten. En vandaar dat de KNMvD die werkgevers nadrukkelijk adviseert de loontabellen met 10 % te verhogen. Wij voegen daar aan toe; geen pensioen dan 10% er bij.